Monastieke praktijken

In de Laura maken wij gebruik van dezelfde middelen als in een ‘oefenschool’. Het zijn enkele beproefde instrumenten uit het monastieke atelier van alle tijden: lectio divina, psalmodie, stilte en eenzaamheid, stille meditatie, nachtwaken, vasten, werken met aandacht, het hele sacramentele leven, studie en lectuur, de rozenkrans, het Jezusgebed, aanbidding, de kruisweg, vriendschap, geestelijke begeleiding, pelgrimeren, gastvrijheid… Geen lijst is volledig en ieder gebruikt de instrumenten die bij hem of haar passen.

We stellen ze voor met veel schroom, want we zijn zelf slechts beginnelingen.  Fouten komen meestal voort uit te groot enthousiasme en te weinig gezond verstand (M. Casey). Alles vergt inspanning en discipline, maar alles is ook genade en gave. ‘Oefenen’ betekent ‘leren’ en ‘nooit af’. Voor beide is de Laura een goede plaats. Zij is een oefenschool in de eigen leefwereld, op de plaats waar we wonen, werken en webben, maar tegelijk reikt ze verder, langs de weg naar elkaar, een weg die niet enkel verbinding is maar ook ondersteuning. Alleen en toch niet alleen.